“Online training geven zonder zicht, hoe doe je dat?”

Is training geven vanuit huis nu meer of minder inspannend? Ik zie ze wel, de voordelen van werken vanuit huis. Het scheelt uren reistijd, sjouwen met koffers en het telkens ontdekken van die nieuwe trainingsruimte. Lees in deze blog hoe ik dat laatste aanpak.

Ik had al regelmatig kennismakingen via videobellen. Dat bespaarde tijd en aangezien ik iemand niet zie en veel op stem doe, miste ik niets doordat de ander maar deels in beeld is. Online training geven bleek toch echt even anders dan zomaar videobellen. Ik neem je mee tijdens een online workshop waarin deelnemers de mogelijkheden en uitdagingen ervaren van werken met een beperking.

Na ons huiselijke ochtendritueel verdwijn ik in mijn kantoor. Ik doe de oplader in mijn iPad en positioneer deze op mijn radio met achter het scherm nog een extra attribuut om het scherm recht te zetten. Ervaring heeft geleerd dat ik op die manier meestal goed in beeld ben. De muur aan de overzijde is in een effen kleur geschilderd. Om mijn achtergrond hoef ik me geen zorgen te maken.

Naast mijn iPad open ik mijn laptop met mijn aantekeningen voor de workshop. Ik sluit een oortje aan zodat niet alle deelnemers meegenieten met wat mijn laptop voorleest.  Dit zelfde geldt voor mijn mobiele telefoon. En ook de huistelefoon ligt klaar zodat ik contact kan leggen met mijn assistent die me vandaag technisch ondersteunt bij deze workshop. Als alles klaarstaat log ik in op de vergadering. Mijn assistent, die ook vanuit huis inlogt,  helpt me nog even om te zorgen dat ik werkelijk goed in beeld ben.

Langzaam stromen de 7 deelnemers binnen. Voorstelrondjes zijn online frustrerend voor deelnemers. Toch zorg ik dat iedereen even aan het woord is. Het zorgt dat ik een beetje ‘beeld’ krijg bij wie er allemaal deelnemen. Ik heb deelnemers al uitgelegd dat ik niet kan zien en daarom een oortje in heb. Terwijl ik met één oor luister naar de vertellende deelnemers, luister ik met mijn andere oor of ik mijn aantekeningen op de juiste plek type. Ondertussen ontvang ik een appje van mijn assistent met de info dat er een deelnemer even was weggevallen en dus een stukje heeft gemist. Super fijn want ik had het niet opgemerkt. De voorleessoftware op mijn iPad kan wel aangeven wie er praat. Nadeel hiervan is dat die informatie telkens door het verhaal van de spreker gaat. Voor mij reden om te zorgen dat ik deze informatie niet krijg.

Terwijl ik de opdracht uitleg blijft het stil. Ik heb al gevraagd om alle microfoons open te laten, toch is het vreselijk stil. Iedereen knikt automatisch of geeft zo’n korte vocale feedback dat ik het niet kan plaatsen bij personen. Daarom sluit ik af met de vraag wat ik nog kan toelichten. Wanneer alles helder is gaan deelnemers aan de slag met hun gezamenlijke opdracht. Op dat moment begint de hectiek voor mij pas echt. Terwijl ik ingespannen luister naar de gesprekken tussen deelnemers doe ik mijn best om wat ik observeer bij de juiste personen te noteren. Ik sta zelf op ‘mute’ dus het oortje van mijn telefoon koppel ik los. Daarop hoor ik alle chatberichten die deelnemers uitwisselen. En alsof dit alles nog niet genoeg is, heb ik op de huistelefoon contact met mijn assistent die me vertelt wat er op beeld gebeurd; observaties die van belang zijn voor mij als trainer. Na de ervaring gaan we reflecteren. Voor de snelheid stel ik wat gesloten vragen die met duimpjes omhoog of omlaag beantwoord kunnen worden, mijn assistent vat het resultaat voor me samen. Als er een gesprek op gang komt is het hard werken om te zorgen dat iedereen aan het woord komt. Waar ik begin met het zelf bewust geven van de beurt, ben ik even later kwijt wie er nu allemaal wel of niet aan het woord zijn geweest. Alle stemmen komen uit dezelfde speaker en daarmee dezelfde richting. Dat zorgt ervoor dat je namen echt alleen aan die stem kunt koppelen en niet aan de plek waar iemand zich bevindt in de ruimte.  En natuurlijk kan ik deelnemers vragen om wanneer zij spreken even hun naam te noemen. Dat doe ik alleen liever niet. Het onderbreekt hun flow en voelt voor mezelf zo onpersoonlijk.  Na drie uur ben ik gaar. Nou ja, mijn lijf heeft energie over, mijn hoofd tolt en mijn oren toeteren nog na. Conclusie: een live training kost fysiek meer energie terwijl een online training mentaal veel intensiever is.


Martine

Martine Baadenhuijsen (1982) studeerde communicatie- en informatiewetenschappen en volgde een opleiding tot mediator. Ze specialiseerde zich in communicatie en samenwerking rondom mensen met een beperking. Vanuit haar onderneming MB3 ondersteunt ze mensen met een beperking en hun sociale omgeving. Met All inclusive at work helpt ze organisaties bij het succesvol inzetten van arbeidsbeperkten.